Zonnefilters
Twijfel je wat er op jouw telescoop past? We kijken zelf ook omhoog en denken graag met je mee.
Stuur ons een appjeWe reageren op werkdagen tussen 9 en 17 uur.
Resultaat 41–47 van de 47 resultaten wordt getoondGesorteerd op populariteit
Resultaat 41–47 van de 47 resultaten wordt getoondGesorteerd op populariteit
Welk zonnefilter heb je nodig?
Een zonnefilter voor op de voorkant van je telescoop (objectieffilter) is de veilige en betaalbare manier om zonnevlekken te zien. Het filter laat ongeveer een honderdduizendste van het zonlicht door (OD 5.0). Je ziet de zon in witlicht: zonnevlekken, de randverduistering en bij goed seeing de granulatie.
Kies het filter op de buitendiameter van je telescoopbuis, niet op de opening. Meet de buis op de plek waar het filter komt en kies een filter met iets speling, zodat hij klemt zonder te wrikken.
Witlicht of H-alpha?
Witlichtfilters (Baader AstroSolar en Omegon)
Baader ASTF en ASSF filters gebruiken AstroSolar folie (OD 5.0) in een vaste cel per diameter, van 50 tot 280 mm. De Omegon zonnefilters zijn de voordelige keuze voor de gangbare buismaten. Beide zijn veilig voor visueel kijken en voor fotografie.
Fotografische zonnefilters (Baader BDSF)
De Baader Digital Solar Filter (OD 3.8) laat meer licht door voor korte belichtingstijden met een camera. Alleen voor fotografie, nooit om met het oog door te kijken.
H-alpha: ERF-voorfilters en blokfilters
Voor protuberansen en filamenten heb je een H-alpha systeem nodig. De DayStar ERF-voorfilters houden de warmte uit de telescoop voordat het licht bij het H-alpha filter komt. De Lunt blokfilters (B600 tot B3400) horen bij een Lunt zonnetelescoop of filterset. Vuistregel van Lunt: het getal is ongeveer de maximale brandpuntsafstand in millimeters waarbij je nog de hele zonneschijf ziet, dus een B1200 tot 1200 mm. Voor fotografie kies je een maat groter.
De Lunt DSII-module stapelt een tweede etalon op je LS130MT voor een smallere bandbreedte: meer contrast in filamenten en oppervlaktedetail. De Ca-K module laat de zon in calciumlicht zien, met de heldere gebieden rond zonnevlekken.
Veilig naar de zon kijken
Kijk nooit zonder goedgekeurd filter naar de zon, ook niet kort en ook niet door een zoeker of verrekijker. Dek de zoeker af of haal hem eraf. Controleer het filter voor elk gebruik op gaatjes en krassen door hem tegen een lamp te houden.
Zonnefilters die in het oculair schroeven zijn onveilig: ze kunnen barsten door de hitte. Gebruik altijd een filter aan de voorkant van de telescoop.
Veelgestelde vragen over zonnefilters
Welke maat zonnefilter past op mijn telescoop?
Meet de buitendiameter van de buis of de dauwkap waar het filter overheen schuift. Omegon-filters zijn per bereik, bijvoorbeeld 138 tot 153 mm. Baader ASTF en ASSF filters zijn per vaste maat.
Kan ik met een witlichtfilter protuberansen zien?
Nee. Protuberansen en filamenten zie je alleen met een H-alpha zonnetelescoop of een H-alpha filterset. Met witlicht zie je zonnevlekken en granulatie.
Is zonnefilterfolie net zo goed als een glasfilter?
Baader AstroSolar folie geeft een scherp en neutraal beeld en is de standaard voor visueel kijken en fotografie. Een glasfilter is steviger, maar niet scherper.







